Archief voor de rubriek ‘Bijbelcitaat’

Psalm 122

5nov 10

door fr. Vincent

1 Hoe blij was ik, toen men mij riep:
“Wij trekken naar Gods huis!”

2 Nu mag mijn voet, Jeruzalem,
uw poorten binnentreden.

3 Jeruzalem, ommuurde stad,
zo dicht opeengebouwd:

4 Naar u trekken de stammen op,
de stammen van Gods volk;

Zij gaan naar Israëls gebruik
de naam van God vereren.

5 Daar staan de zetels van het recht,
de troon van Davids huis.

6 Bidt dan om vrede voor Jeruzalem:
dat ieder die u liefheeft veilig zij;

7 Dat eendracht heerse binnen uw omwalling,
in al uw huizen rust.

8 Ter wille van mijn broeders en mijn makkers
wens ik u vrede toe;

9 Ter wille van het huis van onze God
bid ik voor u om zegen.

Eer aan de Vader en de Zoon
en de heilige Geest.

Zoals het was in het begin en nu en altijd
en in de eeuwen der eeuwen. Amen.

IMG_1829.JPG

3 bezoekers vinden dit bericht leuk.

Alles heeft zijn uur…

17okt 10

door fr. Vincent

Alles heeft zijn uur,
alle dingen onder de hemel hebben hun tijd.
Er is een tijd om te baren en een tijd om te sterven,
een tijd om te planten en een tijd om wat geplant is te oogsten.
Een tijd om te doden en een tijd om te genezen,
een tijd om af te breken en een tijd om op te bouwen.
Een tijd om te huilen en een tijd om te lachen,
een tijd om te rouwen en een tijd om te dansen.
Een tijd om stenen weg te gooien en een tijd om stenen te verzamelen,
een tijd om te omhelzen en een tijd om van omhelzen af te zien.
Een tijd om te zoeken en een tijd om te verliezen,
een tijd om te bewaren en een tijd om weg te doen.
Een tijd om stuk te scheuren en een tijd om te herstellen,
een tijd om te zwijgen en een tijd om te spreken.
Een tijd om lief te hebben en een tijd om te haten,
een tijd voor oorlog en een tijd voor vrede.

(Prediker 3, 1-8)

IMG_1808.JPG

…een tijd om de uurwerken op te winden, zodat we op tijd zijn…

5 bezoekers vinden dit bericht leuk.

Witte Donderdag

1apr 10

door fr. Vincent

Uit het evangelie volgens Lucas, hoofdstuk 22 (Willibrordvertaling 1995):

[14] Toen het uur gekomen was, ging Hij met de apostelen aan tafel. [15]  Hij zei tegen hen: ‘Vurig heb Ik ernaar verlangd om dit paasmaal met jullie te eten vóór mijn lijden. [16] Want Ik zeg jullie dat Ik het niet meer zal eten tot de vervulling ervan in het koninkrijk van God.’ [17] Hij nam een beker, sprak het dankgebed en zei: ‘Neem deze beker en laat hem rondgaan; [18] want Ik zeg jullie dat Ik van nu af aan niet meer zal drinken van de vrucht van de wijnstok totdat het koninkrijk van God gekomen is.’ [19] Hij nam een brood, sprak het dankgebed, brak het brood in stukken en gaf het hun, en zei: ‘Dit is mijn lichaam; het wordt voor jullie gegeven. Blijf dit doen om Mij te gedenken.’ [20] Na de maaltijd zei Hij zo ook van de beker: ‘Deze beker is het nieuwe verbond door mijn bloed; hij wordt voor jullie leeggegoten. [21] Maar zie, de man die Mij overlevert, ligt hier met Mij aan tafel. [22] Want de Mensenzoon gaat wel zijn voorbestemde weg, maar wee de mens door wie Hij wordt overgeleverd.’ [23] Toen begonnen ze er met elkaar over te praten, wie van hen het zou kunnen zijn die dat ging doen. [24] Ook ontstond er onder hen onenigheid over de vraag wie van hen wel het belangrijkst was. [25] Hij zei hun echter: ‘Bij de heidenen spelen koningen de baas, bij hen laten machthebbers zich weldoener noemen. [26] Bij jullie mag dat niet zo zijn. De grootste van jullie moet de minste worden, en de leider de dienaar. [27] Want wie is het belangrijkst? Die aan tafel ligt, of die bedient? Die aan tafel ligt toch zeker! Maar Ik ben in jullie midden de dienaar. [28] Jullie zijn altijd bij Mij gebleven als Ik werd beproefd. [29] Zoals mijn Vader Mij het koningschap heeft aangeboden, zo bied Ik jullie een plaats aan [30] in mijn koninkrijk om te eten en te drinken aan mijn tafel; jullie zullen op tronen zitten om te oordelen over de twaalf stammen van Israël. [31] Simon, Simon, de satan heeft geëist jullie te mogen ziften als het koren. [32] Ik heb voor je gebeden dat je geloof niet zou bezwijken; als je eenmaal tot inkeer bent gekomen, sterk dan op jouw beurt je broeders.’ [33] Hij zei Hem: ‘Heer, ik ben bereid met U zelfs de gevangenis en de dood in te gaan.’ [34] Maar Hij zei: ‘Petrus, Ik zeg je, voordat vandaag de haan kraait, zul je drie keer geloochend hebben dat je Me kent.’

Heilige Jozef

19mrt 10

door fr. Jan

“Verricht uw werk welgemoed voor de Heer, niet voor de mensen, in de overtuiging dat gij van de Heer als beloning het erfdeel zult ontvangen. De Heer die gij dient is Christus”. Uit de brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Kolosse 3,23-24.

Aswoensdag – begin van de veertigdagentijd

17feb 10

door fr. Vincent

ash-cross

Uit de profeet Joël (2,12-18)

Daarom – spreekt de HEER  –, keer nu terug tot mij
met heel je hart
en begin te vasten, te treuren en te rouwen.
Niet je kleren moet je scheuren, maar je hart. Keer terug tot de HEER, jullie God, want hij is genadig en liefdevol, geduldig en trouw, en tot vergeving bereid.
Misschien herroept hij zijn vonnis, komt hij erop terug en laat hij toch iets van zijn zegen over, zodat jullie weer graan en wijn kunnen offeren aan de HEER, jullie God.
Blaas de ramshoorn op de Sion,
kondig een vastentijd af
en roep op tot een plechtige samenkomst.
Breng het volk bijeen,
laat heel Israël zich reinigen.
Breng de oude mensen tezamen,
verzamel de kinderen, ook de kleintjes aan de borst.
Laat de bruidegom opstaan van het bruidsbed,
laat zijn bruid het slaapvertrek verlaten.
Priesters, dienaren van de HEER,
hef een smeekbede aan in de tempel,
tussen altaar en voorhal:
‘Ach HEER, spaar uw volk, uw eigendom,
geef het niet prijs aan spot en hoon van andere volken.
Waarom zouden zij mogen schimpen:
“En waar is nu hun God?”’

Dan zal de HEER het opnemen voor zijn land
en zich ontfermen over zijn volk.

Ik heb je bij je naam geroepen

7okt 09

door fr. Jan

“Wees niet bang, want ik zal je vrijkopen. Ik heb je bij je naam geroepen, je bent van mij! Moet je door het water gaan – ik ben bij je, of door rivieren – je wordt niet meegesleurd. Moet je door het vuur gaan – het zal je niet verteren, de vlammen zullen je niet verschroeien. Want ik, de Heer, ben je God, de Heilige van Israël, je Redder”.

Jesaja 43,2-3a

Vertrouw!

7sep 09

door fr. Jan

“God, Hij is mijn redder.

Ik heb vast vertrouwen.

Ik wankel niet, want de Heer is mijn sterkte.

Hij is mijn beschermer.

Hij heeft mij redding gebracht”.

Jesaja 12,2

De weg

3aug 09

door fr. Jan

“Ga de weg van de liefde, zoals Christus.

Ga de weg van de kinderen van het licht.

Zoek uw kracht in de Heer”

Brief aan de christenen van Efeze 5,2.8b; 6,10.

Maria Magdalena: eerste getuige van de verrijzenis

22jul 09

door fr. Eric

Op 22 juli vieren wij met de Kerk de gedachtenis van Maria uit Magdala. Maria Magdalena spreekt velen tot de verbeelding. Over haar rol in Jezus’ leven slaat de fantasie van vele auteurs, journalisten en filmmakers op hol. Denk maar aan de Da Vinci Code.  Wij gedenken haar als een van de moedige vrouwen die behoorde tot de groep die Jezus op zijn tochten volgde. Zij durfde het aan om met enkelen bij het kruis te waken en Jezus nabij te zijn tot zijn dood. Deze grote trouw volgde uit de radicale bekering die Jezus in haar leven bewerkte. Maria Magdalena is als vrouw de eerste getuige van de verrijzenis. Zo lezen we in het 20ste hoofdstuk van het Johannesevangelie:

Icoon Maria Magdalena  

Vroeg op de eerste dag van de week, toen het nog donker was, kwam Maria uit Magdala bij het graf. Ze zag dat de steen van de opening van het graf was weggehaald. [2] Ze liep snel terug naar Simon Petrus en de andere leerling, van wie Jezus veel hield, en zei: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem nu neergelegd hebben.’ [3] Petrus en de andere leerling gingen op weg naar het graf. [4] Ze liepen beiden snel, maar de andere leerling rende vooruit, sneller dan Petrus, en kwam als eerste bij het graf. [5] Hij boog zich voorover en zag de linnen doeken liggen, maar hij ging niet naar binnen. [6] Even later kwam Simon Petrus en hij ging het graf wel in. Ook hij zag de linnen doeken, [7] en hij zag dat de doek die Jezus’ gezicht bedekt had niet bij de andere doeken lag, maar apart opgerold op een andere plek. [8] Toen ging ook de andere leerling, die het eerst bij het graf gekomen was, het graf in. Hij zag het en geloofde. [9] Want ze hadden uit de Schrift nog niet begrepen dat hij uit de dood moest opstaan. [10] De leerlingen gingen terug naar huis.

[11] Maria stond nog bij het graf en huilde. Huilend boog ze zich naar het graf, [12] en daar zag ze twee engelen in witte kleren zitten, een bij het hoofdeind en een bij het voeteneind van de plek waar het lichaam van Jezus had gelegen. [13] ‘Waarom huil je?’ vroegen ze haar. Ze zei: ‘Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem naartoe gebracht hebben.’ [14] Na deze woorden keek ze om en zag ze Jezus staan, maar ze wist niet dat het Jezus was. [15] ‘Waarom huil je?’ vroeg Jezus. ‘Wie zoek je?’ Maria dacht dat het de tuinman was en zei: ‘Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd, dan kan ik hem meenemen.’ [16] Jezus zei tegen haar: ‘Maria!’ Ze draaide zich om en zei: ‘Rabboeni!’ (Dat betekent ‘meester’.) [17] ‘Houd me niet vast,’ zei Jezus. ‘Ik ben nog niet opgestegen naar de Vader. Ga naar mijn broeders en zusters en zeg tegen hen dat ik opstijg naar mijn Vader, die ook jullie Vader is, naar mijn God, die ook jullie God is.’ [18] Maria uit Magdala ging naar de leerlingen en zei tegen hen: ‘Ik heb de Heer gezien!’ En ze vertelde alles wat hij tegen haar gezegd had.

Meer lezen over haar? Zie het boek: Maria Magdalena. Van boetvaardige zondares tot echtgenote van Jezus. Régis Burnet, Averbode, 2009, 180 blz.

Cover boek Maria Magdalena

JOVADA-jongeren over Paulus

12jul 09

door fr. Eric

Tijdens de Jongerenvakantiedagen in de abdij maakten de jonge deelnemers uitgebreid kennis met de apostel Paulus. Ze vertellen zelf wat hen trof in deze man:

Paulus was een moedig man. Het moet niet makkelijk geweest zijn om die boodschap over te brengen … maar hij heeft het toch gedaan.

Wat me vooral treft is de toewijding van Paulus aan ons geloof. Ik kan me inbeelden dat het niet zo makkelijk is. Eerste een enorm vrome jood zijn, dan een drastische ommekeer … om uiteindelijk één van de belangrijkste vertegenwoordigers te worden van het geloof dat hij vervolgde. Ook zijn blinde vertrouwen in God trof me: “wees gelukkig, ook al ben je gevangen, want God is met je”. Priester Bart die hierover kwam spreken, wist dit goed uit te drukken: een Paulus, immens gelukkig, ook al is hij een gevangene, want God is met hem.

Ik heb een grote bewondering voor de radicale ommekeer die Paulus maakte: van christenvervolger, naar Christus-volger.

Wat mij het meest getroffen heeft in de figuur van Paulus is de passie en overtuiging waarmee hij zin geloof in Christus verspreidde.

Paulus is voor mij een voorbeeld van kracht. Zijn passie en overtuiging raken me keer op keer. Hoeveel tegenwind er ook is, zijn geloof blijft overeind staan.

Eerst dacht ik dat Paulus gewoon een goed man was. Daarna dacht ik van: “oei, misschien toch niet”. En op het einde dacht ik: “Wauw, wat een man !”.

Ik vind het goed dat hij zich verzette tegen moeilijkheden binnen het christendom.

De sterkste indruk? Na de omwenteling in zijn leven, offerde hij zijn hele leven aan de Heer !

Wat mij raakte bij Paulus was zijn gedrevenheid, zijn vertrouwen in God, ondanks de beproevingen die hij moest doorstaan. En ook zijn onbevreesdheid, wetend da hij vervolgd zou kunnen worden.

Hoe mooi is het gevoel gevonden te worden. Of beter. Het vinden zelf. Want wij allen willen toch ook een gids hebben als zijn.

 Paulus zijn gedrevenheid om ondanks alle tegenslag toch door te zetten, sprak mij enorm aan. Zijn vertrouwen in God én de medemens moet toch enorm groot geweest zijn.

Hij was eerst jood, daarna christen. Hij was zo vurig van spraak en geest waardoor hij velen heeft bekeerd tot het christendom.

Paulus heeft vaak veel geëisd, ook vanzichzelf. Toch toont hij tegelijk een grote aandacht voor de liefde en de genade van God. Dit maakt hem tot een persoon die stelling durft te nemen, maar toch niet vervalt in een te grote nadruk op de regels.

Wat mij vooral getroffen heeft is zijn verandering in geloof en levenswijze.

Paulus was een interessant, koppig man die alles durfde. Het is iemand waar ik mijn hoed voor af doe.

Wat mij het meest heeft getroffen aan Paulus is zijn hevige passie en zijn vertrouwen in God. Niet iedereen zou zo direct gehoorzamen. En ook zijn volledige toewijding en zijn volharding.

Paulus laat zien hoe je menesen kan inspireren om het goede te doen. Zijn verhaal maakt ons duidelijk dat het nooit te laat is om te starten met goed te doen. Hoe verdwaald je ook bent, je kan altijd de goede weg vinden met de hulp van Jezus en van iedereen die in Hem gelooft.

Ondanks dat hij wist dat Christus prediken op den duur zou leiden tot een gewisse dood, bleef hij doorgaan. Zijn moed, doorzettingsvermogen, zijn helse vurigheid en diepe geloof verwonderen mij.

Ik kon in het bibliodrama mij echt inleven in Paulus en in wat er op weg naar Damascus gaande was met het licht en het geloof.

Zijn kracht en zijn doorzettingsvermogen om het geloof te verspreiden, blijven mij bij.

Hoewel geestelijke blindheid veel erger is dan lichamelijke, zal deze laatste veel vlugger erkend worden als gebrek dan de eerste. Enkele een bijzondere groep van ‘oogartsen’ kan het zicht teruggeven. Een bekende van deze groep is ‘Paulus van Averbode’.

Wat mij het sterkste heeft getroffen in het verhaal van PAulus, is dat er een teken is dat God bestaatr. Hij laat dit merken door het hemelse licht. Daardoor voel ik mijn hart verwarmen. Bij de gedachte dat God er altijd zal zijn voor mij.

Ik bewonder Paulus omdat hij een sterke persoonlijkheid heeft. En omdat hij de durf heeft om volledig op te komen voor zijn geloof in een tijd dat de christenen werden vervolgd.