Op 14 september 320 zou Helena, de moeder van keizer Constantijn, in Jeruzalem het kruis van Christus gevonden hebben, daarom vieren we vandaag met de kerk het feest van de Kruisverheffing.
Vandaag willen we de kruisdood van Jezus Christus tot leven brengen. We willen het kruis eren omdat het de ogen opent voor Gods verregaande mensenliefde en omdat het de weg naar verrijzenis en eeuwig leven ontsluit.
Maandenlang reeds houden opeenvolgende sportevenementen wereldwijd enorm veel mensen in hun ban. Voetbalkampioenschappen, wielerrondes en atletiekwedstrijden kluisteren jong en oud aan TV- en radiotoestel. Alle aandacht gaat bijna uitsluitend naar de snelste, de sterkste, de recordbreker, de medaillewinnaar. Sportjournalisten noemen de onklopbare kampioenen ‘goden’ en ‘godenkinderen’. Overwinnaars beklimmen erepodia, baden in een aureool van roem, lopen ererondes en genieten bij hun thuiskomst huldigingen.
Lijkt je het contrast met ons feest van de kruisverheffing opvallend? Wij huldigen vandaag geen goud en succes. Wij kijken op naar een schandpaal, een marteltuig: een stuk hout dat lijden, zwakte en mislukking oproept. Wij eren geen krachtige, op handen gedragen man; maar een geslagen en uitgejouwde zwakkeling. Wij heffen geen overwinningsbeker in de lucht, maar staan stil bij een lijdenskelk…
En toch vieren wij vandaag een feest. En toch heffen wij vandaag met de apostel Paulus een lied over Jezus, een Christuspsalm, aan. Want doorheen Jezus’ lijden en in het kruis zien wij de grote liefde van God voor ons opdagen.
In zijn brief aan de christenen van Filippi bezingt Paulus hoe verrassend ver God gaat in zijn mensenliefde. God laat zijn Zoon Jezus ons menselijk leven ‘meeleven’ en delen tot in de diepste ellende. Zelfs de meest onterende martelweg en de dood gaat God in Jezus niet uit de weg. De Zoon van de Allerhoogste wordt de minste. Elke zweem van majesteit en roem laat Hij achter zich voor een slavenbestaan. Tot de dood aan een kruis gaat God.
Wellicht zijn het onze zwakste en door smartelijk lijden getroffen medemensen die het best de betekenis vatten van deze solidariteit van God met de mens. Waarschijnlijk zijn het zij die opkijken naar de Gekruisigde vanuit ziek- of sterfbed, gevangenis, oorlogsgebied, armoede, … die de troost en de ‘schoonheid’ van het kruis goed aanvoelen. Wie miserie ondergaat, voelt zich verwant met een God die lijdt…
Maar van achter het kruis straalt ook een ander troostend licht. Jezus’ kruisweg eindigt niet in een impasse. Zijn weg loopt door. Paulus schrijft aan de Filippenzen dat Jezus’ vernederende slavenlot overgaat in een verheerlijking. God schenkt Jezus na het kruis nieuw leven en laat Hem verrijzen. De Vernederde wordt door God hoog verheven en ontvangt de naam die boven alle namen is. De op het eerste zicht zeer zwakke Jezus is de ware Heer. In Gods ogen is het deze man die het lijden doorstond en tot het uiterste ging in lotsverbondenheid die lof en eer verdiend.
De evangelist Johannes onderlijnt dat het Jezus is die hulde toekomt, omdat in Hem het eeuwig leven doorbreekt: wie in Jezus gelooft zal eeuwig leven genieten. Op zijn eigen wijze schrijft ook Johannes hoe in het volledig gegeven zijn van Jezus de grote liefde van God voor ons mensen duidelijk wordt. Jezus werd door God naar ons gezonden om door zijn leven van zelfgave, nederigheid en dienstwerk redding te brengen. Door Jezus leven en kruisdood is de hemel tot hier neergedaald, is God heel dicht aan onze zijde komen staan. Daarom voelen wij dankbaarheid en aanbidden wij in het kruis en tillen het in de hoogte, als een overwinningstrofee van het leven op de dood.
In zijn brief aan de Filippenzen vraagt Paulus zijn lezers om zich de gezindheid van Jezus Christus eigen te maken. Zo worden ook wij gevraagd om Jezus’ gezindheid tot de onze te maken, om Hem meer in ons hart toe te laten. Jezus is ons voorbeeld om een gelukmakende ‘lifestyle’ te vinden. Een levensstijl die niet het succes en de hoogste rang zoekt, maar oog heeft voor het zwakke en zichzelf kan wegcijferen. Een levenshouding van nederige dienstbaarheid en zorg voor anderen, met volgehouden trouw … zelfs als een kruisweg van tegenkanting en lijden opduikt.
Wanneer we de sportwereld bekijken zouden we snel kunnen oordelen en poneren: ‘hier is die gezindheid van Jezus Christus ver zoek, dit is een wereld van zelfverheerlijking zonder plaats voor zwakte en lijden’. En inderdaad heel wat bedenkingen mogen worden gemaakt. En toch wie goed kijkt, ziet aansluiting bij Jezus gezindheid:
· Wanneer de tourwinnaar de volgende dag kankerpatiëntjes bezoekt
· Wanneer een voetbalploeg er voor kiest niet als concurrenten, maar als een vriendenploeg te werken
· Wanneer gehandicapten kansen krijgen voor hun Spelen
· Wanneer een sporter na allerlei jeugdzondes opnieuw aan de slag mag
· Wanneer een topspeler steeds getuigt: “I belong to Jesus, al mijn talenten heb ik van God gekregen en wat ik verdien wil ik met armen delen”
Laten wij vandaag opkijken naar het kruis van Jezus en groeien in zijn gezindheid om van Gods liefde vervult te leven. Amen.