Archief voor de rubriek ‘Liturgie’

Wat is biechten?

30aug 09

door fr. Eric

In onze abdijkerk komen geregeld mensen ‘aanbellen’ omdat ze willen biechten. Onze medebroeders Andreas, Paul en Guido zijn voor hen terbeschikking. Sommigen willen biechten in de biechtstoel, anderen verkiezen een spreekkamer in de abdij. Voor vele jongeren is de biecht een sacrament dat intrigeert … want onbekend en dus onbemind.

In de biecht voltrekt zich het sacrament van de verzoening. Dat het een sacrament is, betekent dat het gaat om een viering van de kerkgemeenschap waarin met woorden en gebaren iets voelbaar wordt van de liefde van God voor iedere mens. God komt er op een bijzondere wijze in je leven aanwezig. In het sacrament van de verzoening mag je vooral de grote barmhartigheid van de hemelse Vader ervaren. Hoe verloopt de viering van dit sacrament?

biecht2

1 Je voorbereiden

Je voelt dat je je relatie met God wil uitklaren. Er is kwaad dat je hart bezwaart omdat je jezelf van God afkeerde. Je verlangt om je tot God te bekeren en te biechten. Je wil Gods liefde ervaren: zijn barmhartigheid kan je bevrijden.

Voor het biechtgesprek beluister je de innerlijke stem die God in je hart neerlegde: je geweten dat je laat aanvoelen wat niet goed is. Zo ontdek je welke woorden, daden of gedachten niet beantwoordden aan Gods liefde. Om je hart klaar te maken voor het sacrament van de verzoening kan je deelnemen aan een gezamenlijke boeteviering.

2 De barmhartige Vader ontmoeten

In de persoon van de priester komt God zelf je tegemoet zoals de vader die in de parabel verlangend uitkijkt om zijn verloren zoon te begroeten. Het is de barmhartige Vader die je liefdevol verwelkomt. In het samenzijn met de priester is de hele kerkgemeenschap aanwezig. Na het kruisteken vraag je “Vader zegen mij want ik heb gezondigd”. De priester zal je bemoedigen en zegenen: “De Heer zij in uw hart, opdat je met een oprecht hart berouwvol je zonden belijdt”.

3 Luisteren naar God

In een gemeenschappelijke boeteviering wordt voorgelezen uit de Bijbel. Ook in het persoonlijke biechtgesprek wordt Gods Woord beluistert. Zo maak je je hart open voor Gods goedheid. Het is belangrijk dat je al luisterend meer aandacht krijgt voor Gods menslievendheid dan voor je eigen menselijke zondigheid.

4 Spreken met God

Je schuldbelijdenis uitspreken betekent meer dan enkel voor God je zonden uitspreken. Je belijd ook dat God goed is. Je drukt je vertrouwen uit: God jij wil mij genezen en houdt van mij mét mijn falen. Je kan van start gaan met de vertrouwde schuldbelijdenis uit de eucharistie. Daarna spreek je uit wat je hart bezwaart: eenvoudig, bondig en naar waarheid. Het doet deugd om het met God eens uit te praten. Je hebt er als mens behoefte aan om je onvrede uit te spreken. De priester beluistert je met Christus’ oren. Het werkt bevrijdend om te ervaren dat Iemand je verhaal beluistert. Je staat niet meer alleen met je kwaad. Je kan vrijmoedig spreken want je weet dat de priester het biechtgeheim respecteert. Vervolgens spreek je je berouw uit: je hebt spijt, maar je wil ook met vertrouwen een nieuwe ‘doorstart’ maken. Je kan dit uitdrukken met de ‘akte van berouw’ of met de woorden uit psalm 51:

5 Vergeving ontvangen

De priester zal je nu een penitentie, een opdracht van bekering voorstellen. Dit kan een taak zijn, een gebed of een gebaar. Kortom, een eerste stap terug op de goede weg.

Daarna ontvang je de absolutie: in naam van Christus en de Kerk schenkt de priester je vergiffenis. Hij strekt de handen over je uit om je de heilige Geest te geven en hij zegent je met het kruis.

6 Je gaat vernieuwd op weg

Op het einde zal de priester je met Gods zegen opnieuw het leven inzenden: “Ga in de vreug-de en de vrede van de Heer. Wij danken God!”.

Het is zinvol om na het biechtgesprek nog wat tijd te maken voor stilte en gebed. Je kan God dan danken. Zo maak je een rustige overgang naar het gewone gezinsleven. Je kan eens kijken waar je levenswandel wat bijsturing verdient. Zo kan je Gods vergeving echt opnemen en je leven er op afstemmen … ook al besef je dat je klein en broos blijft.

Morgen laten we een jongere zelf getuigen over haar ervaring met ‘biechten’.

1 bezoeker vindt dit bericht leuk.

Wat is een sacrament?

30jul 09

door fr. Eric

Een sacrament is het vieren van een belangrijk moment in het leven van een gelovige mens in zijn relatie met God. In een sacrament komt God heel dicht bij de mens.

DICHTER BIJ GOD: Een sacrament biedt mensen de kans om dicht bij God te komen. Bij een doopsel ben je samen met God blij om je kindje. Bij een trouw zeg je aan God hoe gelukkig jullie samen zijn en je vraagt om Gods zegen voor jullie beiden. Bij een ziekenzalving vraag je aan God om goed te zorgen voor de zieke, ook als hij doodgaat.

EVEN STILSTAAN: Een sacrament laat mensen ook stilstaan bij wat er gebeurt. Of het nu om een belangrijk levensmoment gaat, of om iets wat gebeurt in je hart, het is altijd goed om er wat uitdrukkelijker mee bezig te zijn. Anders vervliegt het moment in de drukte van het leven. Zo wordt het belangrijkste vaak niet gezegd. Bij een doopsel kan eens heel uitdrukkelijk gezegd worden hoeveel God van dit kindje houdt en vragen we Gods zegen voor hem. Bij een biecht kun je je spijt en je goede voornemens uitspreken. Pas als je erover nadenkt en het uitspreekt, betekent het ook meer.

IEDEREEN MAG HET HOREN!: Typisch voor een sacrament is ook dat je het vier in de gelovige gemeenschap waarbij je hoort. Een geboorte, en vormsel, een huwelijk, een priesterwijding, een ziekenzalving, het gaat telkens om belangrijke stappen in een mensenleven die je graag deelt met de mensen om je heen. Bij veel sacramenten hoort dan ook een feest.

SYMBOLEN: Elk sacrament wordt gevierd met eigen symbolen: water, olie, een handoplegging … Het zijn sterke tekens die iets zeggen over de kracht van wat er gebeurt. Het zijn oude tekens, die een grotere werkelijkheid uitdrukken dan we met woorden kunnen oproepen.

ZEVEN: We vieren in onze katholieke kerk zeven sacramenten: Doopsel, eucharistie, biecht, vormsel, huwelijk, priesterwijding, ziekenzalving

Uit: Al de dagen van ons leven. Christelijk gezinsboek voor de 21ste eeuw. Averbode, 2008

1 bezoeker vindt dit bericht leuk.

Apostelfeest heilige Jakobus

25jul 09

door fr. Eric

Op 25 juli vieren we het feest van de heilige apostel Jakobus. Jakobus is de zoon van Zebedeüs en de broer van de apostel Johannes. Hij is in het evangelie vaak getuige van belangrijke gebeurtenissen in het leven van Jezus. Op bevel van Herodes wordt Johannes gedood omstreeks het jaar 42.

 

Reeds eeuwen wordt Jakobus in het Noord-Westen van Spanje vereerd te Santiago de Compostella. Er bestaan in Europa eeuwenoude pelgrimsroutes naar Compostella. Sinds enkele decennia kent het pelgrimeren naar Compostella een vernieuwde belangstelling. De enen gaan echt op bedevaart (een maandenlange staptocht !), anderen krijgen de tocht als straf en therapie opgelegd door de rechter, weer anderen gaan de weg om tot inzicht/bezinning/verzoening/… te komen. Een belangrijke route loopt langs het prachtige Conques in Frankrijk: daar zijn norbertijnen van de abdij van Mondaye volop geëngageerd om de pelgrims te onthalen: zie www.mondaye.com (‘prieuré Conques’). Enkele jaren geleden stapten onze medebroeders Jan Ophoff en Quirinus Kerkhofs (allebei werkzaam in Denemarken) gedurende enkele dagen het laatste deel van de ‘camino’. In de maanden mei en juni komen er ook in Averbode geregeld pelgrims – met de typische Sint-Jacobsschelp op hun rugzak -aanbellen om een stempel te krijgen en om de nacht te kunnen doorbrengen in de abdij. Ook heel wat jongeren gaan de weg naar Santiago. Hun doel? De weg is het doel!

Be the first to like.

Maria Magdalena: eerste getuige van de verrijzenis

22jul 09

door fr. Eric

Op 22 juli vieren wij met de Kerk de gedachtenis van Maria uit Magdala. Maria Magdalena spreekt velen tot de verbeelding. Over haar rol in Jezus’ leven slaat de fantasie van vele auteurs, journalisten en filmmakers op hol. Denk maar aan de Da Vinci Code.  Wij gedenken haar als een van de moedige vrouwen die behoorde tot de groep die Jezus op zijn tochten volgde. Zij durfde het aan om met enkelen bij het kruis te waken en Jezus nabij te zijn tot zijn dood. Deze grote trouw volgde uit de radicale bekering die Jezus in haar leven bewerkte. Maria Magdalena is als vrouw de eerste getuige van de verrijzenis. Zo lezen we in het 20ste hoofdstuk van het Johannesevangelie:

Icoon Maria Magdalena  

Vroeg op de eerste dag van de week, toen het nog donker was, kwam Maria uit Magdala bij het graf. Ze zag dat de steen van de opening van het graf was weggehaald. [2] Ze liep snel terug naar Simon Petrus en de andere leerling, van wie Jezus veel hield, en zei: ‘Ze hebben de Heer uit het graf weggehaald en we weten niet waar ze hem nu neergelegd hebben.’ [3] Petrus en de andere leerling gingen op weg naar het graf. [4] Ze liepen beiden snel, maar de andere leerling rende vooruit, sneller dan Petrus, en kwam als eerste bij het graf. [5] Hij boog zich voorover en zag de linnen doeken liggen, maar hij ging niet naar binnen. [6] Even later kwam Simon Petrus en hij ging het graf wel in. Ook hij zag de linnen doeken, [7] en hij zag dat de doek die Jezus’ gezicht bedekt had niet bij de andere doeken lag, maar apart opgerold op een andere plek. [8] Toen ging ook de andere leerling, die het eerst bij het graf gekomen was, het graf in. Hij zag het en geloofde. [9] Want ze hadden uit de Schrift nog niet begrepen dat hij uit de dood moest opstaan. [10] De leerlingen gingen terug naar huis.

[11] Maria stond nog bij het graf en huilde. Huilend boog ze zich naar het graf, [12] en daar zag ze twee engelen in witte kleren zitten, een bij het hoofdeind en een bij het voeteneind van de plek waar het lichaam van Jezus had gelegen. [13] ‘Waarom huil je?’ vroegen ze haar. Ze zei: ‘Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem naartoe gebracht hebben.’ [14] Na deze woorden keek ze om en zag ze Jezus staan, maar ze wist niet dat het Jezus was. [15] ‘Waarom huil je?’ vroeg Jezus. ‘Wie zoek je?’ Maria dacht dat het de tuinman was en zei: ‘Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd, dan kan ik hem meenemen.’ [16] Jezus zei tegen haar: ‘Maria!’ Ze draaide zich om en zei: ‘Rabboeni!’ (Dat betekent ‘meester’.) [17] ‘Houd me niet vast,’ zei Jezus. ‘Ik ben nog niet opgestegen naar de Vader. Ga naar mijn broeders en zusters en zeg tegen hen dat ik opstijg naar mijn Vader, die ook jullie Vader is, naar mijn God, die ook jullie God is.’ [18] Maria uit Magdala ging naar de leerlingen en zei tegen hen: ‘Ik heb de Heer gezien!’ En ze vertelde alles wat hij tegen haar gezegd had.

Meer lezen over haar? Zie het boek: Maria Magdalena. Van boetvaardige zondares tot echtgenote van Jezus. Régis Burnet, Averbode, 2009, 180 blz.

Cover boek Maria Magdalena

Be the first to like.

50 dagen lang Paasfeest !

21apr 09

door fr. Eric

Het Paasfeest van de christenen is niet op één dag ‘opgebrand’. Omdat dit feest van de verrijzenis van Jezus Christus zo belangrijk is, duurt het eigenlijk 50 dagen lang tot aan het Pinksterfeest. We vieren Jezus’ opstanding: Gods liefde blijkt sterker dan de dood. We vieren dat ook ons leven niet ‘dood loopt’, maar kan overgaan in een nieuw en hemels bestaan. De 50 dagen durende paastijd spoort ons aan om ook nu reeds een nieuw, een ‘eeuwig’, een ‘hemels’ leven te leiden. Hoe? Door liefdevol, zorgend, vergevend, dienend, helpend, luisterend, biddend, dankend, … mensen te laten ‘opstaan’, ‘verrijzen’ uit wat hen neerdrukt.

In de abdij wordt 50 dagen lang uitbundiger gebeden en gezongen. Er klinken vele “alleluia’s”, er wordt overvloedig gewierookt, talrijke kaarsen branden, de liederen zijn zwanger van hoop en paasvreugde. Zeker tijdens de voorbije paasweek en op zondagen heeft de eucharistieviering een bijzonder feestelijk karakter. Zo ook de eucharistie van afgelopen zondag.

Be the first to like.

Palmzondag

5apr 09

door fr. Vincent

 Icoon van de intrede van Jezus in Jeruzalem

Icoon van de intrede van Jezus in Jeruzalem

Mc 11, 1-11

Toen ze dicht bij Jeruzalem waren, bij Betfage en Betanië, tegen de Olijfberg aan, stuurde Hij twee van zijn leerlingen eropuit  met de opdracht: ‘Ga naar het dorp daar vlak voor je. Meteen als je er binnenkomt, zul je een veulen vinden dat vastgebonden staat en waarop nog geen mens gezeten heeft. Maak het los en neem het mee.  Als iemand tegen jullie zegt: “Wat doen jullie daar?” zeg dan: “De Heer heeft het nodig; Hij stuurt het meteen weer terug.” ’ Ze gingen weg en vonden een veulen, vastgebonden bij een deur, buiten aan de straat, en ze maakten het los. Sommige omstanders zeiden tegen hen: ‘Wat doen jullie daar, waarom maken jullie dat veulen los?’ Ze antwoordden hun zoals Jezus gezegd had. En ze lieten hen hun gang gaan. Ze namen het veulen mee naar Jezus, wierpen er hun kleren overheen, en Hij ging erop zitten. Velen spreidden hun kleren uit op de weg, anderen deden hetzelfde met twijgen die ze op het veld gesneden hadden. Zowel de mensen die voorop gingen als die volgden, schreeuwden: ‘Hosanna!
Gezegend is Hij die komt
in de naam van de Heer.
Gezegend het koninkrijk
dat komen gaat,
van onze vader David.
Hosanna in de hoogste hemel!

Be the first to like.

19 Maart: Sint Jozef

18mrt 09

door fr. Vincent

Op 19 maart viert de Kerk het hoogfeest van de heilige Jozef.

Vanuit de bijbel is er niet zo veel over Jozef te vertellen. De kindsheidsevangelies (Lc 1-2 en Mt 1-2) schetsen hem als een gewetensvol en rechtvaardig man, die zijn plichten tegenover zijn verloofde en haar kind opneemt.

Waarschijnlijk houdt de datum van 19 maart verband met de vroegere gedachtenis van de aartsvader Jozef (uit het boek Genesis).

Hij wordt vereerd als patroonheilige van de hele Kerk, van de arbeiders, de maagden, de gezinnen, de stervenden en ook als patroonheilige van België.

Onze abdijgemeenschap viert op 19 maart abt Jos, wiens naamdag een aanleiding is om onze medebroeders en de prelaten van de abdijen in de omgeving uit te nodigen voor een feestelijke ontmoeting.

Op deze website is er wat informatie rond Sint Jozef verzameld.

De heilige Jozef

Be the first to like.

Aswoensdag

25feb 09

door fr. Vincent

v-mercredi-cendres

Met Aswoensdag beginnen we de veertigdagentijd, de voorbereidingstijd naar Pasen toe.

Aswoensdag en Goede Vrijdag zijn de twee grote boete- en vastendagen in de katholieke Kerk. Aan de gelovigen wordt gevraagd om die dagen in soberheid door te brengen.

De veertigdagentijd wordt in de prefatie van die periode (een deel van het eucharistisch gebed) samengevat in enkele  richtingwijzers:
Dit is een tijd van meer toeleg op het bidden en grotere aandacht voor de liefde tot de naaste, van grotere trouw aan de sacramenten, waarin wij zijn herboren.”

In een andere prefatie klinkt het: “Gij hebt gewild dat wij U ook door boete en door vasten eer betuigen. Zo weerhoudt Gij ons van overmoed en eigenwaan; en door dagelijks te delen met hen die in ontbering leven, doen wij niet anders dan wat Gij in uw mildheid ons hebt voorgedaan.”

De veertigdagentijd is dus bedoeld als een tijd van zuivering en voorbereiding op Pasen, een tijd waarin we onze relatie met God, met onze medemensen en met onszelf willen verhelderen en verdiepen.

De as, waarmee we op het hoofd gestrooid worden, of die in de vorm van een kruis op ons voorhoofd wordt aangebracht, is een teken van rouwmoedigheid en nederigheid. Ze herinnert ons aan het feit dat we beperkte en eindige mensen zijn. Het is een uitdrukking van het besef dat we in vergelijking met Gods liefde nog heel wat te groeien hebben.

askruisje

Be the first to like.

Cyrillus en Methodius

14feb 09

door fr. Vincent

Op 14 februari viert de Kerk niet enkel Sint-Valentijn. Ook de heilige Cyrillus en Methodius worden op deze dag feestelijk herdacht.

Cyrillus en Methodius waren broers en kwamen uit de Noord-Griekse stad Thessalonica. Ze waren monnik en stonden in verbinding met de Oost-Europese culturen. Wie daar in hun dagen christen wilde worden, moest de Latijnse taal beheersen en de Latijnse cultuur op de koop toe nemen. Dat betekende in de praktijk dat het christelijk geloof voor de gewone man in het oosten ontoegankelijk bleef.

Cyrillus en Methodius gebruikten als eersten de Slavische taal in prediking en onderricht. Bovendien maakten ze een vertaling in het Slavisch van de liturgie, en dus ook van de bijbelteksten die in de liturgie werden voorgelezen. Om de klanken adequaat te kunnen weergeven moest zelfs een nieuw tekenschrift ontworpen worden. Wij kennen het nu als het cyrillisch schrift, genoemd naar de uitvinder ervan: onze heilige Cyrillus. Gewoonlijk wordt het bij ons ‘russisch schrift’ genoemd.

Bij paus Hadrianus II († 872) wisten ze zelfs gedaan te krijgen dat in het oosten het Latijn in de eredienst helemaal werd vervangen door de Slavische taal. In één moeite door wijdde de paus hen ook tot bisschop. Nog tijdens datzelfde bezoek aan Rome overleed echter Cyrillus. Hij werd beschouwd als de denker, filosoof en theoloog van de twee broers. Cyrillus ligt begraven in de kerk van San-Clemente te Rome; hij had diens relieken vanuit Rusland naar Rome overgebracht.

In tegenstelling tot zijn broer was Methodius eerder praktisch ingesteld. Hij ging terug naar zijn Slavische volken – zoals de Bulgaren, Hongaren, Magyarenen Russen – om er het christelijk geloof verder te verbreiden en vaste voet te geven. Maar hoe langer hoe meer werd hij tegengewerkt door collega-bisschoppen uit de omgeving, omdat zij vonden dat hij teveel op hun terrein kwam en onder hun duiven schoot. Het kwam zelfs zover dat hij werd verbannen naar het Zuid-Duitse stadje Ellwangen. Daar sleet hij zijn laatste dagen door verder te werken aan de vertaling in het Slavisch van bijbel en liturgie.

Cyrillus en Methodius zijn van onschatbare waarde geweest voor de verspreiding van het christendom in Oost-Europa. Tegelijk daarmee hebben ze de Slavische volken een eigen identiteit gegeven in de vorm van het cyrillisch schrift. Zij worden vereerd als de eerste apostelen onder de Slavische volken van Oost-Europa. Paus Johannes-Paulus II riep hen uit tot mede-patroons van Europa.

Cyrillus en Methodius

bron: Heiligen-3s.nl

Be the first to like.

2 februari: Opdracht van de Heer in de tempel

2feb 09

door fr. Vincent

Op 2 februari viert de Kerk het hoogfeest van de Opdracht van de Heer in de tempel, vroeger ook gekend onder de naam Maria Lichtmis.

Met dit feest sluit de Kerk de Kersttijd af, de viering van Jezus die kwam als een Licht voor de volkeren. Daarom wordt de eucharistieviering op deze feestdag voorafgegaan door een processie met gezegende kaarsen.

Lucas 2, 22-40

Toen de tijd gekomen was dat zij zich volgens de wet van Mozes moesten reinigen, brachten ze Hem naar Jeruzalem om Hem aan te bieden aan de Heer, zoals in de wet van de Heer geschreven staat: Al het mannelijke dat de moederschoot opent, zal de Heer worden toegewijd, en om een offer te brengen, volgens de wet van de Heer: een koppel tortels of twee jonge duiven.
Daar in Jeruzalem woonde een zekere Simeon; het was een rechtvaardige en vrome man; hij verwachtte de vertroosting van Israël en op hem rustte heilige Geest. Door de heilige Geest was hem geopenbaard dat hij de dood niet zou zien voordat hij de Messias van de Heer had gezien. Door de Geest geleid ging hij naar de tempel. Toen de ouders het kind Jezus binnenbrachten om met Hem te doen wat volgens de wet gebruikelijk is, nam hij Hem in zijn armen en loofde God met de woorden:
‘Nu, Meester, laat U,
zoals U gezegd hebt,
uw knecht in vrede gaan;
want mijn ogen hebben uw heil gezien,
dat U ten aanschouwen van alle volken hebt toebereid,
een licht dat een openbaring zal zijn voor de heidenen
en een glorie voor uw volk Israël.’
Zijn vader en moeder stonden verbaasd over wat er van Hem gezegd werd. Simeon zegende hen en zei tegen zijn moeder Maria: ‘Deze jongen zal velen in Israël ten val brengen of laten opstaan. Hij zal een omstreden teken zijn – ook door uw ziel zal een zwaard gaan – en zo zal onthuld worden wat er in veler harten omgaat.’
Ook was daar de profetes Hanna, een dochter van Penuël, uit de stam Aser. Ze was hoogbejaard; na haar meisjesjaren was ze zeven jaar getrouwd geweest en daarna weduwe gebleven; nu was ze vierentachtig. Ze was altijd in de tempel en diende God dag en nacht met vasten en bidden. Juist op dit moment voegde ze zich bij hen; ze loofde God en sprak over de jongen tegen allen die de bevrijding van Jeruzalem verwachtten. Toen zij alles hadden gedaan wat de wet van de Heer bepaalt, keerden ze terug naar Galilea, naar hun woonplaats Nazaret. De jongen groeide op en werd steeds sterker, omdat Hij vervuld werd van wijsheid en door God rijkelijk werd begunstigd.

Opdracht van de Heer in de tempel.

Opdracht van de Heer in de tempel.

Be the first to like.